Zelf onderwerp in de media: dat voelt toch een beetje vreemd…

‘Wil je boeken en verhalen verkopen? Dan moet je van jezelf een merk maken!’ Ik vergeet nooit de goeroe die me tijdens een workshop vertelde over succesvol freelancen. Zijn boodschap: verkoop je producten, als was je Nike, Apple of McDonalds. Maar ik ben ben geen merk. Ik wil geen merk zijn. Ik wil gewoon mooie verhalen maken…

Toegegeven, het is erg vleiend als Nieuwsuur belt voor een kort vraaggesprek. Ronduit leuk is het om bij Radio 1 te vertellen over een nieuw boek of een verhaal waar ik trots op ben. En van een pagina als deze in Kidsweek word ik ontzettend blij.

Ook waar: als freelancer heb je zo nu en dan publiciteit nodig. Boeken verkopen zichzelf niet (meer). Toch leef ik het liefst van mond-tot-mond-reclame. Lezers die doorvertellen dat ze mijn boeken waarderen, of een fijne recensie schrijven op Bol.com. Roeptoeteren om maar bekend te worden, dat is niets voor mij…

Doet-ie ’t of doet-ie ’t niet?
Doorgaans vind ik het leuk als radio, tv of schrijvende journalisten me weten te vinden. Maar ik ga lang niet op alle verzoeken van de media in. Dat heeft te maken met mijn persoonlijke voorkeuren:

1. Aandacht voor mijn boeken, verhalen of projecten? Daar werk ik doorgaans van harte aan mee. Helemaal als het zo mooi gebeurt als in deze reportage over een van mijn workshops.

2. Een interview over iets waar ik zelf ervaring mee heb? Soms. Zoals dit radio-interview over een man die een extreem hoge parachutesprong maakte… zonder parachute (het eerste heb ik gedaan, aan het tweede zou ik nooit beginnen).

3. Optreden als ‘deskundige’ terwijl ik dat eigenlijk niet ben? Nee, bedankt. Ik vind dat journalisten te vaak andere journalisten interviewen, in plaats van wetenschappers of échte experts. Voor interviews over klimaatverandering, ontwikkelingen in de ruimtevaart of journalistieke kwesties kun je dus beter iemand anders bellen.